home
about us
preparation
vehicle
route
reports
photos
links
email

Reports Mauretanië December 2004

2 december 2004, Grens Mauretanië - Nouadibou
Vanuit Dakhla rijden we 's ochtend 400 kilometer richting de Mauretaanse grens. 100 kilometer voor de grens gooien we de tank nog even vol, drinken een koffietje, en eten nog een croissantje. Om 13 uur staan we bij de Marokkaanse zijde, we wachten, schudden handen, vragen tig keer hoe het gaat met de desbetreffende monsieur, en gaan mee de barakjes in om nog meer vragen te beantwoorden. Na een uurtje staan we in het niemandsland tussen Marokko en Mauretanië. Geen asfalt meer, opeens een soort van zandvlakte met een hele slechte weg die vervolgens alle kanten opgaat. Met veel moeite vinden we de douanepost van Mauritanië drie kilometer verderop met een nog slechter uitziend barakje. Weer het ritueel af van vragen beantwoorden, paspoort doornemen, Carnet de Passage afgegeven en een praatje maken. Ach, het went en we nemen, net als de beambten, gewoon de tijd. Twee uur later en twintig eurootjes armer staan we in Mauritanië.
Op naar Nouhdibiou. Tot 20 kilometer voor het stadje rijden we over strak asfalt, met aan beide zijden alleen maar zand. Dan stopt opeens het asfalt. Langs het spoor volgen we een piste vol met kuilen en zand. Via een vuilnisbelt komen we het stadje in. Al blijkt later dat het hele stadje vol ligt met vuilnis. We verbazen ons over de chaos, de rotzooi, de stank, de loslopende geiten en ezels en de armoede. Dit is een andere wereld. We wisselen geld en zoeken de camping Chez Abba (N20.54.496' W017.03.220'), waar we de enigen zijn. Het ziet er een beetje troosteloos uit. Via de campingbaas wordt de autoverzekering geregeld voor 10 dagen. We hadden gehoopt in Nouadibou andere overlanders tegen te komen, om mee verder te reizen naar Atar of Nouakchott. We gaan nog bij andere campings kijken die middag, maar ook daar zijn geen andere overlanders te bekennen. We eten die avond in een Koreeans restaurant (even wat anders) en bespreken welke route we gaan nemen.

3 tot 6 december 2004, via Parc du Banc d'Arguin naar Nouakchott
3 december, we staan vroeg op. Het plan is om via Park National du Bang D'arguing en de 150 kilometer lange piste over het strand naar Nouakchott te gaan. We hebben geen zin in een gids en hebben bedacht het eerste deel over de nieuwe asfaltweg te gaan en dan het park in te duiken. Sinds kort ligt er een asfaltweg tussen Nouadibou en Nouakchott. Dan horen we die ochtend, net voor we vertrekken, dat er Nederlanders met 4WD op camping Anil staan. Wij gaan op zoek en vinden daar Jos en zijn zoon Kim, die ook op zoek zijn naar medereizigers. Dus vertrekken we gezamelijk, met het plan via de piste naar het park te rijden in plaats van de asfaltweg. We hebben uit het boek van Chris Scott waypoints gehaald, met het plan deze te volgen. Het idee is super. De uitvoering verloopt niet helemaal zoals we willen. Na het rijden van vele mooie zandpistes lukt het niet om de ingang van het park te vinden. We rijden zonder dat we dat hadden gewild op de piste richting Nouakchott, rijden dan toch nog over een stuk asfalt in de hoop een bord te vinden waarop de ingang van het park is aangegeven. Eind van de dag nog geen bord. We overnachten in de woestijn, tussen zandduinen en hebben ondanks de lichte zandstorm een leuke avond. Het is erg bijzonder om midden in de woestijn te kamperen. De volgende dag gaan we weer op zoek naar de ingang van het park. Ondertussen is de zandstorm flink toegenomen. We vragen een paar keer aan verschillende lokale bewoners naar de ingang van het park. Bewoners die zich vaak in barakjes langs de weg bevinden. Maar we komen er achter dat borden in dit land een illusie zijn. We nemen naar aanwijzingen een piste richting het westen, door zand en duinen, langs grote kuddes kamelen, en komen uit bij het strand, jawel, in het park. We rijden een heel stuk langs het strand, zien pelikanen, flamigo's, een visarend, en veel meeuwen. Eind van de middag staan we bij de uitgang aan de zuidkant. Aangezien we geen entreebewijs hebben, wordt de desbetreffende beambte meteen inhalig en wil hij veel Eurootjes aftroggelen. Aarnout en Jos weten dit te reduceren tot 30 Euro voor 4 personen, waar we achteraf zelfs spijt van hebben, gezien de brutale afzetterij. Onze inburgering in Afrika kost even wat tijd...
We zetten ons kamp op in de duinen bij Nouamghar (N 19.20.127', W016.30.092'). 's Avonds eten we heerlijke vis met rijst in het plaatselijke restaurant; een uit olievaten opgebouwd huisje. De plaatselijke bevolking heeft ons aangegeven dat wij tussen 8 en 11 uur `s ochtend kunnen vertrekken over het strand richting Nouakchott.
Wat is dat??? Een chocolade letter in onze schoen.... Natuurlijk het is 5 december. En we zijn helemaal blij, want we mogen eindelijk van onze chocolade letter gaan smullen. Florian en Ilse bedankt!!! Na een rustig ontbijtje rijden we het strand op. Er is ruimte om te rijden maar je merkt direct dat de motor hard moet werken, een belangrijk gedeelte gaat door het natte zand. Maar het is een fantastich gevoel. Rechts de helder blauwe zee, links van ons de Sahara. 70 kilometer per uur zouden we volgens de verhalen moeten kunnen rijden, maar dat dat redden we niet. Eerder 40 kilometer per uur. Maar we hebben ht naar ons zin, zetten Caribisch muziekje op en hebben het naar ons zin. Rond 13 uur nemen we een duik in de zee en eten een soepje. Opeens lijkt het of de zee meer het strand op komt in plaats van er af. We constateren dat het vloed wordt en het helemaal geen eb is. Nog 60 kilometer te gaan, en we zetten de snelheid erin. De auto's moeten hard werken, maar het is echt duidelijk dat de zee steeds meer op komt. We hebben stress. Het genieten is opeens over. Het strand wordt smaller, de motor wordt steeds warmer en de brandstofmotor kruipt naar benedenen. Dan moeten we volgens de GPS ter hoogte van Noakchott zijn, maar waar moeten we het strand af. Geen bord, geen piste en geen mogelijkheid. Nog meer stress. We rijden door, en opeens staan daar gebouwtjes aan het strand. Het is de camping die we zochten en waar Jos 5 jaar geleden ook is geweest. Op de valreep zitten we voor de camping vast in het zand, maar ook dat komt goed en we hebben het gered. Later horen we van andere campinggasten dat we al om 7 uur hadden moeten vertrekken en uiterlijk 13 uur het strand af hadden moeten zijn. Communicatiefoutje met de mensen uit het dorp??? We weten het niet, en zijn blij dat onze auto's en wijzelf zijn aangekomen in Nouakchott. We overnachten op de camping aan het strand (N 18.06.730',W016.01.574'), die veel te duur is, geen warme douche heeft, en 's avonds dienst doet als red light district alla Mauritanië, en komen bij van de bijzondere spannende rit vanuit Nouadhibou.

6 december tot 9 december 2004, Atar
Via het centrum van Nouakchott, waar er 1 grote verkeerschoas heerst en de wet van de sterkste geldt (gelukkig hebben we een bullbar...) rijden we samen met Jos en Kim richting Atar. Vandaag alleen maar asfalt, 500 kilometer richting noordoosten, dwars door de Sahara. We passeren af en toe een dorpje, maar dat bestaat meestal uit enkele huisjes, voor zover je deze bouwsels die bestaan de uit staalplaat, huisjes kunt noemen. Na ruim 7 uur rijden, waarvan het laatste gedeelte met een bergachtig landschap erg mooi is, komen aan in Atar. Op naar de camping Bab Sahara, van het Nederlands-Duitse stel Justin en Cora en hun zoon Tobias. Heel toevallig heeft Jos, Justin lang geleden in Mali ontmoet, waar Justin toen een garage had. De Camping (N20.31.156', W013.03.721') heeft een leuk restarant en plek om te relaxen, schone douches, toiletten met toiletpapier(!) en zelfs een wasmachine. We besluiten hier een paar dagen te blijven, te relaxen, de was te doen. We scharrellen een beetje rond in het stadje, pakken een terrasje, kopen wat dingetjes en zoeken het internet cafe (waar de verbinding zo traag is, dat we het maar opgeven). Het plan was in de eerste instantie om vanuit hier richting Tidjikja te gaan, een offroad traject van 3 dagen via mooie bergpassen. Maar JOs en Kim blijven voorlopig in Atar en we hebben nog geen andere overlanders ontmoet om deze reis mee te maken. We gaan de komende dagen een trip maken naar Chinguetti, 1 van de heilige steden van de Islam en naar Ouadane, en oud stadje dat rond 1150 door de berbers is ontdekt en vroeger lag op de Caravan route.

9 en 10 december 2004, Chinguetti en de Amogjar Pass
's Ochtends is het plan om vroeg te vertrekken, maar aangezien Jos een serieuze koper heeft voor zijn Nissan Partrol, laten we dat voorgaan. 12 uur gaan we richting Chinguetti, over de nieuwe pas, die een stuk gemakkelijker is dan de oude pass. Chinquetti is een klein oud plaatsje in een prachtige omgeving met zandduinen. We besluiten de zand piste te nemen richting Ouadane. Een prachtige route door de woestijn, waar we de banden laten leeglopen tot 1 bar, we over zandduinenen rijden en waar we onze auto een paar keer uit het zand graven. Het is geweldig en we genieten vollop. Ouadane gaan we niet meer bereiken die dag, maar echt erg is dat niet, aangezien het helemaal geen straf is om te overnachten in zo'n mooi stuk woestijn. We slaan ons kamp op, sprokkelen hout voor het kampvuur en genieten van een wiskey en een Breezertje (de laatste..) van de zonsondergang. Na een koude nacht een herlijk ontbijtje in de vroege ochtend zon. Aangezien wij (Jos en Kim blijven in Atar) de volgende dag naar Senegal willen, gaan we terug richting Atar, via de Amogjar Pass. Een bijzonder spectaculare route, waarbij de vaardigheden van het 4WD drive vollop worden getest. Via veel rotsen en afdalingen rijden we door een valley met links en rechts Grand conon achtige bergen. Erg mooi en we zijn blij dat we deze route hebben gekozen. Om 15 uur staan we in Atar. We doen een late lunch, met kip en frieten, om de maag lekker in beweging te houden. En dan nemen wij, na een week samen te hebben opgetrokken, afscheid van Kim en Jos. Het was erg leuk om met ze samen te reizen. Die middag rijden we nog ruim 180 kilometer richting Atar, omdat we de volgende dag naar Rosso willen rijden en de grens met Senegal ( de Senegal Rivier) willen over te steken. Een soort bliksem actie voor Afrikaanse begrippen, want we hebben gehoord, dat het niet gemakkelijk is om Senegal binnen te komen, met de inhalige beamten en alle formaliteiten die aan beide zijden geregeld moeten worden.

11 december 2004, grens Mauritanië en Senegal bij Rosso
Van veel mensen hebben we gehoord; ga niet naar Rosso als je grens oversteekt. Maar wij zijn eigenwijs. De andere optie voor ons zou zijn bij Diama, hetgeen volgens de verhalen beter zou zijn. Maar dan lezen we in het verhaal van Dutch Courage, dat het hun niet gemakkelijk is vergaan via Diama en als we dan ook pas om 15 uur aankomen in Rosso (na Rosso ben je nog een paar uurtjes onderweg naar Diama via een piste), besluiten we toch bij Rosso de grens over te steken. Uiteindelijk hebben we tot nu toe veel geluk gehad bij de grenspassages dus we willen dat dat deze keer ook zo is. Onmiddelijk worden we van alle kanten belaagd, door ik weet niet wie en waarom. Het is lastig de regie in handen te houden, maar met wat humor en doen alsof je hartstikke gek bent, geen frans spreekt lukt het wel. Ze willen allemaal geld, maar dat slaan we in de wind. Met het pontje over de rivier naar de overkant. Hier begint het verhaal, met de formaliteiten weer van voren af aan. Je hebt gewoon hulp nodig maar de vraag is wie kan je vertrouwen, waar doe je goed aan. Enorme drommen Afrikanen weten allemaal precies wat we moeten doen? Uiteindelijk lukken alle documenten en de verzekering, al hebben we het gevoel dat we daar te veel voor hebben betaald. Als alle hektiek voorbij is trachten we ons met auto uit de grenspost te wringen. We geven een lift aan een backpakkende Fransman en wroeten gezellig tussen geiten, vissen, paarden en vrachtwagens ons uit het dorpje. Yes, we zijn in Senegal!! Direct ziet het land er vrolijker en groener uit dan in Mauritanie. Kleurig gekleede vrouwen zwaaien als je toetert. Maar dat doen ze ook in Nederland maar dan met 1 vinger. Na en uur rijden en wat zoeken vinden we een heerlijke camping vlak bij het oude centrum van St. Louis.

Mauritanië is een indrukwekkend land, ongekende woestijnpracht en ruig berglandschap. Vooral de omgeving bij Atar is prachtig. De mensen komen nogal gesloten over, en je weet ook moeilijk wat je aan ze hebt. Vaak reageren ze een beetje nonchalant en weinig geinteresseerd. Iets dat je ook terug ziet in hun behuizing en in het algemeen de zorg voor hun spulletjes. Het is een land met veel armoede en met een primitieve levenstijl. Ondanks dat niet elk moment even eenvoudig was in Mauritanië, zijn we erg blij dat we er 10 dagen hebben door gebracht.



Terug naar overzichtspagina reports