home
about us
preparation
vehicle
route
reports
photos
links
email

Reports Senegal December 2004

12 december 2004, Saint Louis
We zijn in St. Louis, en hebben een heerlijke plekje gevonden bij Camping l'Ocean (N15 59.840', W016 30.594). Deze camping annex hotel is echt een feest na Mauretanië. Schone toiletten en douches, aan het strand en een restaurant met lekker eten. Ik (Janita) ben helemaal enthousiast dat we in Saint Louis zijn, een in de 18e eeuw door Fransen gesticht stadje, dat gedurende langere tijd de hoofdstad is van de Franse Afrikaanse kolonies. Het oudkoloniale gedeelte is gebouwd op twee eilandjes in de monding van de Senegal rivier en de Atlantische Oceaan en worden met elkaar verbonden door twee bruggen. We zijn
gisteravond laat het stadje in komen rijden, maar in de schemer zag je de koloniale huizen, en overal mooie vrouwen in prachtig gekleurde Afrikaanse kleding, met op het hoofd gebonden doeken in sierlijke creaties. Ik had gelezen, dat er ieder jaar een jazz festival wordt gehouden in St. Louis en er veel (jazz) barretjes zijn om uit te gaan waar muzikanten optreden. Ik zag ons dus al helemaal in een soort van Curacoase Otrabanda zitten, omringt door jazz muzikanten. Maar niets blijkt minder waar te zijn. Het stadje heeft zeker zijn charme. En als je door de bouwvallen heen kijkt moet het er echt prachtig uit hebben gezien in vroegere tijden, maar wij vinden geen leuke (jazz) barretjes. Enkel een paar (lege) restaurantjes en verlaten hotelletjes. Vergane glorie dus. We eten bij een leuk Senegalees restaurant, lopen nog wat rond, gaan wat drinken en hebben al met al een leuke dag in St. Louis.

13 december 2004, Saint Louis en Parc National de la Langue de Barbarie
De camping is vannacht toch minder aantrekkelijk geweest dan gedacht. We staan in een verkeerde wind, alles stinkt naar vis. Platte modellen zoals schol en rog worden gekookt met veel zout en daarna gedroogt zodat de vis langer houdbaar blijft. Een soort van vette walmen komen de hele nacht onze richting op: time to go!!
`s Morgens inpakken , Janita gaat nog wat internetten, de bankzaken controleren en we rijden op ons gemak naar eiland nummer twee (in Saint Louis), om boodschappen te doen en om vandaaruit te vertrekken naar camping Zebrabar. In het stadje bij de plaatselijke winkel betalen we natuurlijk weer te veel, drinken nog een koffietje bij het "toeristen" hotel en cruisen nog wat door de straten voor foto`s. Het doet een beetje aan als de plaatje die we kennen van Cuba, waar huizen en pleinen oud en vervallen zijn. Een korte rit naar Zebrabar, door een paar dorpjes, door wat water en op de punt van een schiereiland in de delta (ook weer) ligt de camping, in Parc de Langue de Barberie (N 15 51.858', W016 30.750).

14 en 15 December 2004, Camping Zebra bar in Parc de la Langue de Barbarie
Zonder dat ik (Aarnout) een vogelaar ben, vergaap ik mij toch aan de vogels hier. Ik moet denken aan mijn goede vrienden uit Leiden, die het hier een waar paradijs zouden vinden. De ene vogel maakt nog tropischer geluiden dan de ander, het lijkt een ware catwalk. Ergens in het zand zie zo eentje als die ene van Van der Valk, verder gaat mijn vogelkennis niet. Wat doen we zoal; niets!!! De hoogtepunten deze twee dagen zijn een tochtje met de kano en `s avonds het prima eten van de door de Zwitserse eigenaren opgeleide koks. Na tafellen met wat andere reizigers voor de nodige informatie, en het blijkt dat we toch naar Dakar moeten om het visa voor Kameroen te krijgen. En dat we toch ook naar Gambia moeten om andere visa te regelen. Terwijl wij juist drie dagen geleden hadden besloten om niet naar Dakar te gaan en om Gambia over te slaan. Dus gooien we de plannen om.

16 December 2004, Reis naar Dakar
Jens, de buschauffeur uit Duitsland, hier op vakantie voor de vijfde keer, gaat ook naar Dakar. Een reisje van ongeveer vijf uur als alles goed gaat. Dus we vertrekken op een heerentijd en stoppen vaak onderweg voor de nodige toeristische akties. Rond 4 uur 's middags arriveren we in de buitenwijken van Dakar. Hier begint een enorme fille, langzaam naderen we Dakar. Links en rechts van de straat zien we bedrijvigheid en wel alles door elkaar. Op z`n Afrikaans dus. We stoppen langs de weg om een kokosnoot te drinken. Ergens bij het voorwiel van onze auto zien we opeens twee kerels iets doen, Jens gaat kijken en nu blijkt dat we een wielklem hebben!! In nog geen minuut tijd zijn er met een vaag busjes een paar kereltjes gekomen en onze auto's hebben we een wielklem!! Ik ga al snel uit m`n dak en Jens en Janita gelukkig ook, dus het is de mannetjes wel duidelijk dat we dit niet zo maar laten gebeuren. Tot Janita ontdekt dat de klem makkelijk los te trekken is. Ondanks het tegenwerken van de klemmannetjes (alle drie met natuurlijk de zwarte mafiosen brillen), trekt ze de klem er af als ze even niet kijken. Door de verwarring en onze woede laten we ze uiteindelijk verbouwereerd achter met twee bekeuringen die nooit betaald zullen worden... :-) Welkom in Dakar!!
We arriveren in de Auberge (familie hotel) (N14 42.180, W017 27.646), waar Jens al vier is geweest. Prima plek, 20 minuten buiten het centrum en (heel belangrijk) er wordt op onze auto gepast.
We laten ons meeslepen door Jens en eten `s avonds zeer lokaal: geroosterd geitenvlees. Aanvankelijk zijn we wat sceptisch over de keus van Jens maar het smaakt verrukkelijk. Biertje erbij, klaar.

17 December 2004, Dakar (Ambassade Kameroen)
Taxi naar het centrum van de stad. We passeren Africaanse stad straten, druk en soms vies, en er is overal diesel uitlaatgas. Het centrum lijkt moderner, met iets meer welvaart. Resten van de beroemde ralley zie ik (Aarnout) nergens. Hooguit dat er wat meer buitenlanders (vooral Fransen) zijn. Op La Place Independence hebben we afgesproken met de eigenaar van het hotel, die ons zal helpen met het een en ander. Eerst een autoverzekering regelen voor Kameroen (telefonisch gaf de ambassade van Kameroen aan dat dit een vereiste is voor het krijgen van de visa). Onder Lamarana z`n begeleiding blijkt op het verzekeringskantoor, dat we grandioos genaait zijn met de autoverzekering voor Senegal, die we hebben gekocht aan de grens in Rosso; niet alleen veels te veel betaald, maar ook nog voor een verzekering die niet meer bestaat. Daarnaast blijkt een auto verzekering voor Kameroen niet te krijgen in Senegal.
Tot nu toe heeft echter geen enkele controle post moeilijk gedaan over onze verzekering. We gokken het er op en gaan naar de ambassade van Kameroen. Veel kopieen van van allerlei willen ze hebben, veel formulieren en veel geld. En dan blijkt dat we net te laat zijn en de visa wordt pas maandag afgegeven. Veel aandringen in mijn houtje touwtje frans en we mogen een paar uur wachten tot in de middag. Mischien is ie dan wel klaar!! 15.00 nog geen visa. Maandag is het antwoord. Dus nog meer aandringen, de beruchtte bankschroef van Aarnout gaat in werking en zie daar, een uurtje later hebben we onze visa, een record vermoeden wij. Linea recta terug naar het hotel, inpakken, Jens bedanken voor veel hulp en gauw weg uit deze stad, op naar Toulab Dialao (leer dat maar eens uit je hoofd). Net iets buiten Dakar.

18 december 2004, Toubab Dialao
Wij zitten in een torenkamer (huisje) met uitzicht op zee!!!!
Er is geen camping in dit dorpje en we hebben een hotelletje (www.espacesobobade.com) (N14 36.336', W017 09.102) genomen; gerunned door Franse kunstenaars en gebouwd in de stijl van Gaudi.
Overal terrasjes, rijk versiert met ornamenten, tegeltableau`s, mooie beelden en prachtige planten en bloemen. Dit is echt fantastisch! Aan beide zijden ligt een baai, met een Caraibisch blauwe zee. Wij gaan weekend houden! Het is heerlijk om even in een huisje te zitten, en daarnaast te genieten van de sfeer, de zee, het strand, lekker eten, de architectuur, de kunst, de muziek (veel Djembe spelers) en de dansers, die daar hun danskunsten oefenen. Het is maar goed, dat we maandag in Gambia willen zijn om onze visa te gaan regelen, anders waren we hier vast nog even blijven hangen.

19 december 2004, reis naar Barra en Banjul, Gambia
Zondag ochtend 8 uur, de wekker gaat. Op de achtergrond het geruis van de zee. Na twee nachten heerlijk luxe gedaan te hebben en te veel geld uit te hebben gegeven, is het tijd om te gaan. Op naar Gambia, waar wij eind van de dag hopen aan te komen. Het is een mooie rit richting het zuiden, dorpjes met Afrikaanse hutjes, overal mensen en bedrijvigheid, en vel mooie Boabab bomen.
Tot Koalok is de weg strak geasfalteerd. Maar daarna begint het feest, veel potholes. De grensovergang verloopt er soepel en voor we het in de gaten hebben staan we in Gambia. Heerlijk, we kunnen Engels spreken. Er is meteen een en al vriendelijkheid in Gambia en het lijkt erop dat de politieposten hier voor de formaliteit aanwezig zijn, want we mogen overal door rijden. Om 4 uur 's middags staan we in Barra, het plaatsje waar we de ferry gaan nemen naar Banjul. We horen dat boot om 5 uur gaat en als Nederlands denkende mensen bedenken we dat we dan net voor het donker op de camping aankomen. Mooi niet dus, twee ferries later en na heel wat koopwaren te hebben afgeslagen van de kinderen uit Barra, staan we om 9 uur s' avonds aan de overkant van de rivier in Banjul en tuffen met
onze aller laatste energie naar de Camping in Sukuta (N13 25.162', W016 42.947).


Terug naar overzichtspagina reports